logo
EEN KARNAVALSMERRIE

In mijn hoofd is een bonte karnavalsstoet van narren en boerengespuis. Mensen als stripfiguren aan de kant van de straat.Op de praalwagen staat prins Karnaval te zwaaien met zijn gevolg en niemand lijkt een steek verandert. Ik ben dronken en ik droom. Want er is wel iets veranderd.
Vroeger had Brabant nog de Boerkes van Buuten,  maar tegenwoordig heten ze de Burkas van Buuten. Gesluierde meisjesbenen lopen uit voor een koperen fanfare. Het geheel staat onder leiding van Harry Moskee, wiens bluesy hoempapa ontaardt in oosterse toonladders. Dan ineens 10 keer Geert Wilders op het asfalt. We zien een onsmakelijke boerenbruiloft. Allemaal geblondeerde bokkepruikjes op de kop en wild zwaaiend met verkeersborden in de weer. Op hun borden staan enkel afslagen naar rechts. Ook lezen we: waar een Wilders is is een weg, of: Beter rechts, dan met twee linkerhanden.
Dan stoot iemand mij aan en schrik ik op.
Het is Ayaan Hirsi Alaaf. Dat het allemaal niet zo bedoeld is. En dat ze heus niet op de intensive care hoeft te gaan liggen om nog meer bewaking te kunnen krijgen. Ik knik en kijk haar verbaasd aan. Uit haar roodgestifte mond verschijnt een cassetterecorder en ze zingt: Heb je even voor mij? 
Het wordt tijd om wakker te worden. Ook voor de rest van Nederland.

 
< Vorige   Volgende >
Teksten
In gedichten verzonken